Nijmegen, zondagochtend vier mei 2008
Voor mijn gevoel zijn we gisterochtend vertrokken uit Antigua, maar er zit al weer meer dan 48 uur tussen, 13 uren vliegen en vele uren hangen op vliegvelden en wachten op bagage, paspoortcontroles en vingerafdrukken. We vlogen via Houston, Texas, en die Amerikanen zijn gek op hun douanebureaucratie, daar voelen ze zich veilig bij, maar het is slechts symbool voor hun angstige zelfgenoegzaamheid. De harde tegenstelling met de vrolijke Guatemalteken die blij zijn met je komst.. Tja, de een heeft veel te verliezen, de ander veel te winnen met je komst. Maakt rijk ongastvrij en omgekeerd ?
Het was half drie 's ochtends toen het taxibusje ons ophaalde vanuit het Casa Amarillo - het gele huis. De huizen hier zijn heel eenvoudige betonskeletjes, onwaarschijnlijk dunne vloertjes, ingevuld met zongedroogde betonstenen, en daarna afgepleisterd. Verdieping voor verdieping worden ze opgetrokken. De vloer is dakterras zolang er nog geen geld is voor de volgende laag, de wapening steekt vol verwachting boven de kolommetjes uit, stakerig rijkend naar de hemel. Een paar verroeste golfplaten hangen boven het trapgat. Ze geven schaduw en houden de meeste regen buiten. Het dak is een belangrijk deel van de stad hier, er wordt was gedroogd, gegeten, feest gevierd en vooral gekletst, in de avondkoelte, die op deze hoogte vaak kilte is.. Als je ergens op een zo’n dakterras staat zie je overal leven op de daken om je heen en een roestig landschap van golfplaten... Maar al deze huizen zijn afgewerkt met een fel gekleurde verflaag, knal blauw of gifgroen, hard roze, en deze dus maïsgeel. Alles keihard naast elkaar gezet, en versierd met grote letters die aangeven wat er voor handel er binnen gedreven wordt. Regelmatig worden de letters en de kleur er opnieuw opgezet. Vaak een heel andere kleur. Later zie je al die lagen weer terug als er geen geld is om het verfwerk bij te houden. De stad verschiet voortdurend van kleuren.
Een Paraguayaanse vrouw heeft dit gele hostel opgezet, waar we voor een tientje per nacht slapen, en 's morgens zoveel als we willen van het buffet kunnen nemen: roereieren - huevos revueltos ( wat me steeds doet denken aan de revolutie, die hier niet gelukt is maar die wel een burgeroorlog heeft veroorzaakt die negenendertig jaar heeft geduurd, en erg diepe wonden heeft geslagen in het leven van iedereen hier, maar die er ook voor heeft gezorgd dat de waardigheid en het zelfrespect van de Maya bevolking in stand is gebleven), verder de bekende bruine bonenpasta, die zeer smakelijk is als je hem niet elke dag hoeft te eten, en ananas, papaya, water- en suikermeloen, met harde lekker zoete broodjes...Dat ga je dan opeten op de patio, waar grote bloemen groeien tegen de gele muur terwijl een papegaai tegen je krijst tot je hem een stukje van je lekkernijen geeft, of je gaat de trap op naar het dakterras, waar je, samen met blauwzwart glanzende kraaien in de felle zon gaat zitten, die niet te warm is omdat we hier op 2000 meter hoogte zijn, met een formidabel uitzicht over roestrode golfplaten en de omringende vaalgroene bergen waaronder een vulkaan met hier en daar een rookpluim uit de flanken...
We hebben meegedaan met Anne-lena's bezigheden in Quetzaltenango. Xela noemen de bewoners hun stad - spreek uit Sjélah. De stad is een wonder van vrolijke overlevingslust. In de negentiende eeuw heeft deze stad zich een keer onafhankelijk verklaard van de Spanjaarden, nog altijd zijn de bewoners daar buitengewoon trots op, en voelen zich boven de rest van Guatemala verheven - hetgeen ook letterlijk waar is, want dit is de hoogst gelegen stad van het land. Je voelt voortdurend de ijlte van de lucht die je hoofd licht en je buik liefdevol maakt. Tenzij je aan de diarree bent, wat iedere bezoeker hier wel een paar dagen overkomt. Bijna ieder gezin heeft een paar mannen die illegaal in de VS werken, ze drijven allemaal ook een handeltje in de stad, maar dat levert niet zoveel op. De kinderen worden vaderloos geboren en opgevoed, met een droombeeld van het rijke noorden in hun hoofd. En zo vreemd is zo'n droombeeld niet, maar onvolledig is het wel.
We waren om vier uur ‘s ochtends op het gloednieuwe vliegveld van Guatemala stad en maakten de meisjes van de Gitano koffiebar blij met onze telefoon. Die hadden we voor de communicatie in Guate, daar buiten is ie voor ons waardeloos. Ze mochten hem hebben voor de prijs van 1 dollar, op voorwaarde dat ze Anne-lena een keertje zouden bellen om te vertellen wie ze waren en wat ze zoal deden. Vrolijk giechelend werd Anne-lena op de hoogte gesteld van hun nieuwe aanwinst en uitgevraagd over die gekke vorige eigenaar, die kennelijk haar vader was.Een paar uur later waren we op Houston airport. Bij Ruby’s diner willen we een glas water halen voor de pillen tegen de buikloop waar we allebei last van hebben. Een lijvig dienstertje leidt ons verveeld naar een leeg tafeltje, maar wij kiezen de plek waar we op de heenweg ook hebben gezeten. In knauwend Texaans vertelt ze ons met holle blik dat ze ‘Doris’ en ‘voor vandaag onze ober’ is, hoewel er Angela op haar borst staat. Het eind van haar riedeltje luidt: "how are you ?". Ik ben verbluft, lach haar uit en zeg dat ze gauw haar mond moet houden en naar Guatemala gaan om te leren écht te zijn, waarop ze zich kwaad omdraait. Even later zet ze ons een veel te groot glas water mét ijsblokjes voor en een bel koffie die ook te groot is en nergens naar smaakt. Dan vraagt ze: "En, bent u nu klaar om te bestellen ?" Waarop ik bits antwoordt dat dit al veel meer is dan wat we besteld hebben en dat de koffie niet te drinken is. Haar ogen schieten vuur, ze maakt zich uit de voeten en legt binnen een paar tellen de rekening op ons tafeltje. “Maak vooral geen haast hoor..” mompelt ze. Ik heb haar een hele dollar - die van de Gitanomeisjes - fooi gegeven, zij kan er tenslotte ook niks aan doen dat ze deel is van de vadsig rijke, leugenachtige cultuur van de VS...
We hebben op de basisschool waar Anne-lena engelse les geeft, een tekenles gegeven. Instituto mixto de educaciòn basica por coöperativa Llano del Pina. De kinderen, de meiden in van die prachtige kleurrijke Maya kleding, mochten om de beurt voor elkaar poseren en dan elkaar natekenen. Kinderen zijn overal in de wereld hetzelfde, nieuwsgierig, gretig en moedig. We hebben veertig prachtige tekeningen meegekregen die we, met foto's, naar de basisschool van Hanna en Anne-lena brengen, hier in de Lindenholt. Daar maken we een tentoonstelling van en proberen daarmee een beetje geld te verzamelen om de klas in Guatemala op te kunnen verven.... Kleine dingen misschien, maar laten we het niet laten omdat het weinig is...
En welke vader is het vergund samen met zijn dochter en zijn vriendin voor de klas te staan aan de andere kant van de wereld ? Ik wist in het Spaans aan de kinderen te melden dat ik behalve stedenbouwkundige -“wat is dat??”- vooral un padrito feliz ben, - “ja, dát snappen we wel !”